Carpe diem

Carpe diem

dinsdag 19 mei 2015

Bootje

Richard en ik kennen elkaar van de zeeverkenners waar we in de grijze oudheid niet alleen hebben leren flirten maar ook hebben leren zeilen. Zeilen is net als fietsen; als je het eenmaal kunt verleer je het nooit meer. En dan maar meteen een tweede statement eroverheen: heb je je hart ooit verpand aan zeilen, dan ben je de rest van je leven verkocht.
Als jong gezinnetje met kleine kinderen is er van zeilen nooit veel gekomen en alleen Robin hebben we kunnen interesseren voor de zeeverkenners en alleen hij heeft het zeilvirus van ons overgenomen.

Twee jaar geleden - we waren op vakantie in Nederland en hebben  voor de grap een dagje een zeilboot gehuurd - zijn we opnieuw gevallen voor de charmes van het zeilen en toen we de kans kregen om een eigen bootje aan te schaffen hebben we meteen toegeslagen. Sinds januari zijn we dan ook de trotse eigenaars van een 40 jaar oude Triss Magnum.
Maar de wereld draait door en de zeilwereld dus ook en in de tijd dat we geen bootje hebben aangeraakt is er veel gebeurd. Toen we in januari de spullen bij de verkopers gingen ophalen, kregen we dozen vol spullen waarvan we geen idee hadden wat het was maar waarvan we dachten dat we er heus wel uit zouden komen. Een paar weken geleden zijn we begonnen met het voorbereiden van de boot op een zomerseizoen met een stel van een middelbare leeftijd dat niet meer soepel op de steiger springt om de boot af te houden of de willen (fenders) op tijd overboord gooit om schade aan de zijkant te voorkomen bij het inparkeren. De bodem dik in de anti-fauling en de hele schuit gepoleerd met cleaner en wax. Af en toe keken we met een scheef oog naar de dozen met inhoud in de hoop dat we plotseling een ingeving zouden krijgen waarvoor al die lijntjes en katrolletjes nodig zouden kunnen zijn. Maar die ingeving kwam maar niet.

Afgelopen vrijdag is de boot het water ingegaan en daar hadden we de eerste meevaller te pakken: hij bleef drijven! Robin had gelukkig een halve vrije dag opgeofferd en hielp met het plaatsen van de mast. Robin is, in tegenstelling tot zijn ouders, een echte ingenieur en kijkt eerst in alle rust wat waar moet, maakt vervolgens een plan en voert dat plan dan precies uit zoals hij had bedacht. Dat scheelt veel tijd want dan zitten de bakboordstagen aan bakboord en de stuurboordstagen aan stuurboord, de fokkenval aan de voorkant en de dirk aan de achterkant. Hij weet hoe de mastenkraan werkt en schuift de boot precies onder de mastenkraan zodat de mast ook precies in de mastvoet valt. Ik heb de verantwoording genomen voor het plaatsen van de vlag op de spiegel. Dat ging goed.
Een collega van Robin kwam nog even langs om te helpen met het zeil en vrijdagmiddag hadden we een zeilklaar bootje en waren alle dozen leeg. Geen spannertje, harpje, haakje of lijntje was als overbodig Ikeamoertje overgebleven en ons schuitje lag te wachten op de volgende eindbestemming: de haven van Nynäshamn, 90 kilometer verderop.
Het tochtje van Slagsta in Stockholm Noord naar Nynäshamn in Stockholm Zuid zouden we voor het grootste deel op de motor doen. Dat was niet erg want de route voerde dwars door Stockholm en was schitterend. Kopje koffie, plakje cake erbij, zonnetje aan de blauwe hemel lekker tuffend door de stad. Hoe leuk wil je het hebben? Robin en Mathilda hielden ons gezelschap en loodsten ons van sluis naar haven en van inham naar doorvaart.







Na de lunch lieten we de stad achter ons en kwamen we in de Scherenkust (Skärgården) terecht. De wind trok wat aan en als zeiler in hart en nieren konden we de drang om de zeilen te hijsen niet langer weerstaan. Dat ging helaas dan weer zonder plan dus de fok bleek de genua te zijn (een veel te groot zeil voorop de boot die bij deze koers helemaal niet gebruikt kan worden) en het grootzeil kregen we niet goed gespannen. Iedereen was zo druk met zijn eigen ding dat we onbedoeld middenin een zeilwedstrijd belandden, Mathilda gilde vanuit de kajuit dat ze bang was dat we om zouden vallen en de koffiekan ging een eigen leven leiden. Iedereen riep van alles naar elkaar maar echt luisteren deden we dan weer niet wat best cruciaal is als je aan het zeilen bent. Kortom, vijf minuten later waren de zeilen weer gestreken en tufte het motortje weer braaf verder. De deelnemers aan de zeilwedstrijd bedankten vriendelijk voor het aangename tijdverdrijf en wij namen met schaamrood op de kaken de benen, of eigenlijk de zeilen. Een uurtje later waren we toe aan een tweede zeilpoging. Het juiste fok was aangeslagen, in de verste verte was geen zeilwedstrijd te bekennen en zelfs de boot van de reddingsdienst lag klaar om in te grijpen in geval van nood. Wij voelden ons heer en meester op het water en het zelfvertrouwen groeide met elke zeemijl die we achter ons lieten. Michiel de Ruyter zou trots op ons zijn.
Maar ook deze lol was slechts van korte duur want zodra we uit de luwte van één van de vele eilanden kwamen en de wind grip kreeg op ons schuitje scheurde het grootzeil in tweeën. Dat is lastig zeilen dus werden voor de tweede keer alle zeilen gestreken en voeren we de laatste twee uur op de motor naar de tussenhaven in Dalarö. Daar meerden we af waarna Savannah ons ophaalde zodat we luxe en warm in onze kooi thuis konden overnachten.

De volgende morgen kwam de regen met bakken uit de lucht en dus wensten Robin en Mathilda ons veel succes met de rest van ons reisje en bleven zelf lekker thuis. Onze jongste investering in dure regenpakken bleek een goede investering hoewel zeillaarzen misschien ook handig zouden zijn geweest. Ik begrijp nu ook wat beter waarom de verkoper van de boot onze feliciteerde met de aankoop van een zwart gat. Mijn creditcard piept en kraakt nu al aan alle kanten.
Het eerste uur viel de regen gestaag naar beneden maar al snel kwam de regen niet meer van boven maar van voren. De golven gooiden ons alle kanten op en we hadden twee handen nodig om overeind te blijven. Men lijdt het meest door het lijden dat men vreest dus probeerde ik niet te bedenken wat we zouden moeten doen als de motor het zou begeven. Een grootzeil hadden we niet meer en manouvreren tussen olietankers en cruiseschepen met slechts een fok als attribuut trok me niet echt aan. Om één uur kwam de haven van Nynäshamn eindelijk in zicht en - geluk of niet- vijf meter voor de steiger sloeg de motor af omdat de benzine op was. We hadden weliswaar een extra tank benzine bij ons maar benzine bijvullen bij windkracht 7 had ik op zee toch liever niet gedaan.

En nu ligt ons pareltje in zijn thuishaven en wachten we met smart op ons nieuwe grootzeil. Met een beetje geluk krijgen we dat over 4 weken, net als onze vakantie achter de rug is.







4 opmerkingen:

  1. Ja, dat is natuurlijk geen reclame om Engelien ook op jullie boot te krijgen ;-)
    Maar wel fantastisch dat het jullie gelukt is!

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Het viel echt reuze mee hoor. Ik word al zeeziek als ik door een al te diepe plas stamp en Richard heeft zelfs moeite met een bord soep. Maar blijkbaar waren zeebenen bij de prijs inbegrepen want we hadden allebei geen centje last. Maar Engelien gaat natuurlijk mee als het dertig graden en windstil is. Die dagen zijn er ook :-)

      Verwijderen
  2. ben blij dat mij dat bespaart is gebleven

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Knap gedaan hoor, zeker als je een boot in elkaar moet zetten die je niet kent.
    Alleen al het tripje door Stockholm lijkt me de moeite waard.
    Misschien een grootzeil op de Zweedse Markplaats opsnorren om ook in je vakantie te kunnen zeilen? Of de naaimachine uit het stof halen natuurlijk...

    BeantwoordenVerwijderen