Carpe diem

Carpe diem

maandag 30 juni 2014

Dieet en ander bijkomend leed

Mijn voornemen na het debacle met de weegschaal destijds was erg duidelijk en mijn doel om op een aanvaardbaar gewicht te komen kon ik slechts bereiken op twee manieren: meer bewegen en minder eten.
Meer bewegen heb ik vrij vertaald in drie keer per week hardlopen en minder eten gaat meestal via een dieet, hoewel verhuizen naar Sudan natuurlijk ook een optie is.
Aangezien het aantal kantoren van het Arbeidsbureau in Sudan beperkt is en ik daar dus gedoemd zou zijn tot een ww-uitkering besloot ik een emigratie naar midden Afrika te laten voor wat het is en me te houden aan een caloriebeperkt dieet.

Alle lezers die zich wel eens hebben bezig gehouden met afvallen en de perikelen daarom heen weten dat het wemelt van de verschillende soorten diëten. Als je googelt op diëten krijg je meer dan één miljoen resultaten dus als je een middagje niets te doen hebt, ben je even van de straat.
Natuurlijk heb ik er een groot aantal geprobeerd en het beste resultaat heb ik bereikt met 5/2 waarbij je vijf dagen per week normaal eet en twee dagen per week vast en niet meer dan vijfhonderd caloriën per dag mag nuttigen. Na vier maanden afzien woog ik maar liefst achthonderd gram minder.

Over diëten bestaan onbeschrijfelijk veel mythes. Bij de één moet je je vooral richten op het innemen van eiwitten, een tweede moedigt je aan om veel vetten te nuttigen en de derde richt alle pijlen op vezels en groente. Als ik die drie nu eens combineer met een sherrykuurtje dan kom ik toch een heel eind, lijkt me.

Volgens sommigen werkt het erg goed om een eetdagboek bij te houden zodat je precies weet welk pondje er door het mondje gaat. Daar begin ik dan heel enthousiast aan maar als ik tussen de zesduizend voedingsmiddelen waar ik uit kan kiezen niet datgene kan filteren wat ik die dag naar binnen heb gewerkt dan ben ik mijn motivatie op stel en sprong weer kwijt. Sommige appjes op je telefoon waarschuwen je dan dat je te weinig voedsel tot je neemt en menig keer ben ik al dood verklaard omdat ik meer dan dertig dagen niets gegeten had. Dood of niet, afvallen doe ik er niet van.

's Morgens heb ik vrijwel nooit honger en ik red het tot lunchtijd prima op een glas water, een kopje koffie en een maaltijddrankje van 180 caloriën. Als lunch neem ik het liefst een broodje kaas of een salade met vooral veel tonijn of kip. Supergezond en het past in vrijwel elk dieet. Maar om een uur of vier heeft mijn lichaam de salade verbruikt en is toe aan iets anders. Als ik daar dan geen gehoor aan geef dan wordt mijn koektrommel ongeduldig en begint vanuit de keukenla naar mij te roepen. Ik probeer dat natuurlijk op allerlei manieren te negeren; ik zet het geluid van de tv wat harder, prop oortjes in mijn hoofd om naar muziek te luisteren of ga hard nadenken over welke route ik zometeen ga lopen.
Maar niets helpt, de koektrommel weet op onverklaarbare wijze mijn hersens te spoelen en het enige waar ik nog aan kan denken is die overheerlijke digestive met chocola die op me wacht.
Ik word slap in de benen van het lage bloedsuikerniveau en verwacht elk moment tegen de vlakte te gaan. Ik krijg visioenen van bergen bonbons, knisperende zakken chips en ongeopende pakken speculaas die over de uiterste houdbaarsheidsdatum gaan omdat niemand ze opeet.
Meestal is het punt van no return dan al lang bereikt en zijn de eerste ongezonde en calorierijke happen al in mijn mond verdwenen maar soms heb ik zo'n wilskracht dat ik me weet te beperken tot twee rijstwafels (met pindakaas). Niet dat dat wat uitmaakt want na die twee rijstwafels gaan er alsnog zeven bokkenpootjes achteraan.
Het is een prima bodem voor een rondje joggen en die caloriën weet ik nog wel om te zetten in energie als ik in de benen ga.
Maar als ik terugkom van mijn dertig minuten bewegen per dag dan heb ik natuurlijk wel iets verdiend. De warme hap moet ik zelf in elkaar draaien en die is nog lang niet klaar dus tot die tijd moet ik me tevreden stellen met al het andere dat eetbaar is en dat is vrijwel nooit iets dat in welk dieet dan ook past.
Wie heeft er bij een enorme aanval van lekkere trek nu zin in een appel, een linzensalade, een wortel of een handvol noten. Dat vult niet en is negen van de tien keer ook geen genot voor je gehemelte.
Zoet of zout, vast, vet en ongezond is het enige dat telt. Dus om de haverklap sta ik voorovergebogen over de keukenla in de hoop dat deze zich op onverklaarbare wijze plotseling heeft gevuld met allerlei lekkers dat ook nog eens uitstekend in mijn dieet past. Vreemd genoeg is mij dat echter nog nooit overkomen.
Als de ergste trek gestild is weet ik mij een tijdlang te beheersen maar dan komt mijn echtgenoot thuis. Hij heeft vrijwel altijd dezelfde hongerklap als ik als hij thuiskomt maar hij is ook erg sociaal aangelegd en snoept nooit alleen. Dus als hij uit de keuken komt heeft hij twee gevulde handen, één voor zichzelf en één voor mij. En ik wil mijn gewaardeerde echtgenoot natuurlijk niet teleurstellen dus eet ik dapper op wat hij voor me heeft meegebracht. Een plakje worst, een stuk kaas, een restje chips van het weekend of we peuzelen samen de laatste reep chocola met hele noten op.
Omdat mijn ergste honger wel gestild is als ik eenmaal aan tafel ga, weet ik me daar dan wel weer te beheersen en schep ik zelden twee keer op. Toetjes zijn onbekend in Zweden dus daar kan ik me gelukkig niet aan te buiten gaan. Het is hooguit een schaal vanilleijs met aardbeien en slagroom die mij kan verleiden tot nog meer zondigen. Lekker ook met geschaafde amandelen of warme chocoladesaus.

Na het eten is het meestal gedaan met de vreterijen en ga ik me slechts te buiten aan een koekje bij de koffie.
En om dan nog zo'n eetdagboekje in te vullen is ook mosterd na de maaltijd dus dat laat ik meestal maar voor wat het is.

Het volgen en vooral volhouden van een dieet heeft een grote uitwerking op het slachtoffer en haar omgeving. Als ik me weer eens heb voorgenomen om de hoeveelheid in te nemen vetreserves te beperken dan ben ik daar elke minuut van de dag mee bezig. Taal ik normaal gesproken 's morgens niet naar wat eetbaars, ben ik op dieet dan heb ik om 10 uur al een schreeuwende honger. Ik heb dan zoals gebruikelijk mijn koffie en dieetdrink op maar kan ruim twee uur voor de lunch mijzelf maar met moeite bedwingen om een hap uit mijn groene, naar niets smakende waterige salade te nemen.
En naarmate het aantal uurtjes in de klok stijgt, daalt mijn humeur evenredig wat betekent dat mijn klantjes die zich per ongeluk aan het eind van de middag bij mij melden om niets een veeg uit de pan krijgen. Ja sorry hoor, maar ik ben op dieet en dat heeft nu eenmaal een directe uitwerking op mijn gemoedstoestand.
Het ergert mij waarschijnlijk nog het meest dat het mij overkomt en dat ik mijn boze bui niet eens in de hand heb. Waarom kan ik niet vriendelijk en goedlachs zijn bij gebrek aan suiker, vet of koolhydraten?
Het is dan ook die reden die mij meestal doet besluiten om met die flauwekul maar weer te stoppen. En natuurlijk de weegschaal die na weken afzien aangeeft dat er welgeteld achthonderd gram af is. Of minder.

maandag 16 juni 2014

Prioriteiten stellen

Heel toevallig kreeg ik vanmorgen de DN (een krant) onder ogen met daarop in een schreeuwende kop op de voorpagina:'Zweden scoort het slechtst in de Pisa test'. Die kop viel mij op omdat Zweden nogal chauvinisisch is aangelegd en nergens is het mooier, beter, lekkerder, leuker en gezelliger dan in Zweden En ook de Zweed zelf is mooier, beter, lekkerder, leuker en gezelliger dan welk ander volk dan ook ter wereld.  En slimmer, ontwikkelder, gelijkwaardiger, socialer en eerlijker natuurlijk ook. Winkels bieden nergens een breder, intressanter, groter, kwalitatiever en uitgebreider assortiment dan in Zweden en opleidingen zijn nergens breder, intressanter, kwalitatiever en uitgebreider dan in vackra Sverige. Kortom, praten we over het paradijs dan komt Zweden een heel eind in de richting.

Ik was dan ook op zijn zachtst gezegd een beetje verbaasd dat een Zweedse journalist op de voorpagina van een krant durfde te schrijven dat men ook in het paradijs wel eens een steekje laat vallen. PISA is een representatieve steekproef voor 15-jarige scholieren die uitgebreid getoetst worden op hun kennis en vaardigheid op het gebied van taal, wiskunde en natuurwetenschappen. En op het onderdeel probleemoplossen scoorde van alle 65 deelnemende landen Zweden dus het allerslechtst. En ook de motivatie was het slechtst van alle deelnemende landen.
Maar toen ik verder las kreeg ik gelukkig ook het anwoord op de vraag waarom er zo slecht gescoord werd en waarom ook de motivatie ver beneden peil was. De leerlingen die de test moesten doen kregen er namelijk geen cijfer voor en hebben daarom ook hun best niet gedaan. En bovendien telde het niet mee voor hun rapport. En tot slot hadden ze die week ook al een nationale test moeten doen. Dus is het eigenlijk onterecht dat Zweden onderaan in het lijstje belandt omdat de Zweedse 15-jarigen dus eigenlijk een uitstekend vermogen om onderscheid te maken tussen wat belangrijk en minder belangrijk is. Zou het onderdeel prioriteiten stellen meegenomen worden in de Pisa test dan zou Zweden helemaal bovenaan het lijstje prijken, aldus de krant.

Nog een voorbeeldje van prioriteiten stellen?
Robin had deze week zijn allerlaatste opdracht om de titel Master in Science op de uiversiteit van Linköping binnen te mogen slepen. Hij heeft een half jaar aan een examenopdracht bij Scania gewerkt en heeft daarover een uitgebreid rapport geschreven. Dat rapport moest hij uiteraard verdedigen en dat was afgelopen donderdag. Wij zaten met de hele familie als vulling in het lokaal en het wachten was op de examinator en stagebegeleider.  Natuurlijk hielden we rekening met het acdemisch kwartiertje maar dat kwartiertje werd al gauw 20 minuten en nog was er in de wijde omtrek geen examinator te vinden. Uiteindelijk kwam de stagebegeleider gehaast binnen en zei tegen Robin dat hij mocht beginnen. 'Maar de examinator dan', vroeg Robin nog. Nee, die had geen tijd, die had wat anders te doen.
Robins presentatie was gelikt en zo goed dat hij zelfs zijn nauwelijks ontwikkelde moeder heeft kunnen uitleggen van een NOX-sensor is en hoe je die zou kunnen verbeteren. 
Maar kritische vragen van zijn stagebegeleider kwamen er niet. Die was tevreden en moest gauw weer verder want hij had andere prioriteiten dan Robin het vuur na aan de schenen leggen.

Nou, nog eentje dan.
Afgelopen zaterdag brachten we mijn moeder naar het vliegveld omdat ze wel de juiste prioriteiten had weten te stellen en bij de examenopdracht van haar kleinzoon wilde zijn hoewel ze beslist ook nog andere dingen had te doen.
We waren er rond half zes zodat we nog even gezamenlijk konden eten. Wat schetst onze verbazing? Alle winkeltjes en alle restaurantjes dicht op het vliegveld. Tja, die gaan nu eenmaal dicht om 5 uur. Personeel wil immers ook om zes uur aan de warme hap.
Vijf terminals heeft dat klerevliegveld en het kost je een klein half uurtje om van terminal vijf naar terminal één te lopen met een oma en een kleinkind en nergens een patatje met, een pizza of een hamburgertje kunnen scoren omdat die fucking Zweden andere prioriteiten hebben dan geld verdienen of service verlenen. 

Kom dus nooit maar dan ook nooit meer aan met 'Zweden-als-voorbeeld' of  'het fantastische organisatietalent van die Scandinaviërs' want als Zweden iets niet hebben ontwikkeld dan is het wel hun probleemoplossende vermogen. Met dank aan de Pisa test.